image description

ASW Journal

Theses from Interdisciplinary Social Sciences (ASW)

Comments Off on Grooming: De aansluiting van politiebeleid op het bewustzijn van jongeren van het gevaar van grooming op sociale media

Milou de Winter - illustratieMilou de Winter – Dit onderzoek is gericht op de mate van het bewustzijn van jongeren tussen de 12 en 16 jaar van het gevaar van grooming dat schuilt in sociale media. Daarnaast is dit onderzoek gericht op het huidige beleid, zowel op papier als in de praktijk, van de Amsterdamse zedenpolitie dat gericht is op de aanpak van grooming. De uitkomsten van beide onderzoeken zullen aan elkaar gespiegeld worden om te kunnen analyseren in hoeverre het beleid en de uitvoering ervan aansluiten bij het bewustzijn van de jongeren. Voorgaand onderzoek naar het fenomeen grooming is niet verricht vanuit het perspectief van de doelgroep voor groomers. Daarnaast is het beleid naar grooming nog in ontwikkeling, waardoor dit beleid en de uitvoering ervan niet eerder onderzocht zijn. Middels twaalf kwalitatieve interviews is het bewustzijn van jongeren met betrekking tot het gevaar van grooming onderzocht. Het beleid is geanalyseerd aan de hand van gesprekken met politieagenten van de Amsterdamse zedenpolitie en documentanalyse. Uit de interviews met de jongeren is gebleken dat zij weinig gevaar zien in het gebruik van sociale media, voornamelijk omdat zij hun sociale media accounts afgeschermd hebben. Uit de beleidsanalyse is gebleken dat de politie voornamelijk een repressieve werkwijze hanteert en samenwerkt met meerdere organisaties en stichtingen om grooming aan te pakken. De werkwijze van de Amsterdamse zedenpolitie blijkt niet aan te sluiten op de mate waarin jongeren zich bewust zijn van het gevaar van grooming. Het beleid zou zich meer moeten richten op de bewustwording van de jongeren voor hun vatbaarheid van het online risico grooming.

BachelorscriptieASW_Milou_de_Winter

Global Youth Theses
Comments Off on Kies bewust voor een carrièreperspectief: Het verband tussen bewust studiekeuzegedrag en carrièreperspectief van studenten

Huffener - illustratieEsther Huffener – Studenten maken meestal geen rationele en bewuste studiekeuzes. Terwijl zij wel steeds meer worden aangemoedigd om dit te doen. In dit onderzoek is gekeken of er een verband bestaat tussen studenten die bewust een studiekeuze maken en de tevredenheid achteraf met hun studiekeuze. Daarnaast is er onderzocht of er een verband is tussen bewust studiekeuzegedrag en een positief carrièreperspectief. Allereerst is kwalitatief onderzoek gedaan naar het carrièreperspectief van de huidige generatie studenten. Uit de interviews kwam naar voren dat studenten over het algemeen positief waren over hun gehele carrière maar minder positief over het vinden van een eerste baan. Daarnaast bleek een aantal studenten een beeld te hebben van hun carrière, maar niet verder te durven kijken dan de eerste vijf jaar. Anderen hadden nog helemaal geen idee wat voor werk ze zouden gaan doen na hun studie. Naar aanleiding van dit kwalitatieve onderzoek is carrièreperspectief opgedeeld in drie factoren, optimisme over de eerste baan, optimisme over de gehele carrière en een duidelijk beeld van hun carrière. Vervolgens is er een online enquête verspreid die door 104 studenten compleet is ingevuld. Hieruit kwam naar voren dat er een positief verband bestaat tussen het bewust studiekeuzegedrag en tevredenheid met de studiekeuze. Daarnaast bleken studenten die bewuster hun studiekeuze maken, zowel positiever te zijn over het vinden van een eerste baan als over hun gehele carrière. Uit eerder gedaan onderzoek blijkt dat zij ook succesvoller zijn in hun carrière. Daarnaast hebben studenten die bewuster hun studiekeuze hebben gemaakt ook een duidelijker beeld van hun carrière. Hierdoor zouden zij ook gemotiveerder zijn tijdens hun studie. Uit dit onderzoek kan geconcludeerd worden dat studenten meer gestimuleerd moeten worden om bewust hun studiekeuzes te maken.

BachelorscriptieASW_Esther_Huffener

Other Theses
Comments Off on Normalizing the norm: The development of the Responsibility to Protect as an international norm

Eva Kieft - illustratieEva Kieft – This study illustrates the presence of both realist and liberal discourse in the use of R2P as an international norm. An interdisciplinary approach is used to put R2P in a broader political and historical context. Additionally, a sociological model on international norm dynamics gave a thorough understanding on the normative position of R2P as being partly socialized but not yet internalized. Because the norm has been used very inconsistently between 2004-2015, this study explores the way in which both discourses influence the internalization of R2P. To this end, firstly a quantitative content analysis has been conducted on four cases, two in which R2P can be referred and two in which R2P has been invoked. Results showed that both realist and liberal discourse have been present in the four cases. However, the liberal discourse appeared to be dominant and had a greater capacity than the realist discourse. In the analysis of press releases a clear socialization act has been performed to adhere the international community to the UN’s normative stances, which were endorsed as legitimate international behavior. Secondly, semi-structured interviews have been conducted with experts in the field of R2P. Resulting from this, the realist discourse impedes, and the liberal discourse improves the internalization of R2P as an international norm. Hence, this study showed that R2P has been an attempt to govern international security by redefining the responsibility of both nation-states and the international community (Bellamy & Wheeler, 2011 p.521). Following the interviews, in order to internalize R2P as an international norm, the liberal discourse should be enhanced and realist discourse should abate.

BachelorscriptieASW_Eva_Kieft

Conflict Studies Theses
Comments Off on De generatie ‘Nyx’: Een kwalitatief onderzoek naar post-subcultureel kapitaal van jongeren in de Amsterdamse clubscene

Ruby van Hoorn - Illustratie Ruby van Hoorn – Binnen de literatuur naar jongerensubculturen is er sprake van een lopend debat tussen de subculturalisten en de post-subculturalisten. Volgens de post-subculturalisten zouden subculturele grenzen zijn vervaagd, waardoor er niet langer kan worden gesproken van vaste homogene subculturen. In dit onderzoek wordt gekeken in hoeverre en op welke manier jongeren zich in een postmoderne samenleving onderscheiden door middel van post-subcultureel kapitaal. Hiervoor is door middel van participerende observatie en diepte-interviews onderzoek gedaan naar de Amsterdamse club Nyx en haar bezoekers. De resultaten wijzen erop dat de onderzoeksgroep inderdaad een typevoorbeeld is van de postmoderne subcultuur. Er heeft een verschuiving plaatsgevonden van een focus op muziek naar een focus op stijl als onderscheidingsmechanisme. Jongeren beschouwen hun smaak als breed, vloeibaar en op het individu gericht. De oorspronkelijk duidelijk afgebakende subculturele grenzen vervallen hier, en maken plaats voor meer vloeibare grenzen. Dit onderzoek toont echter aan dat subculturele grenzen weliswaar minder zichtbaar en afgebakend zijn, maar dat ze alsnog aanwezig zijn. De term post-subcultureel kapitaal is daarom een bruikbare term, wanneer we willen begrijpen hoe jongeren zich onderscheiden in een postmoderne samenleving. De term maakt een belangrijke toevoeging in de manier waarop jongeren bezig zijn met identiteitsvorming. Het toont aan dat de identiteitsvorming van jongeren veranderlijk is, en dat subculturele identiteiten – ondanks het feit dat zij vloeibaarder zijn geworden – hierin nog steeds een belangrijke rol spelen.

BachelorscriptieASW_Ruby_van_Hoorn

Global Youth Theses
Comments Off on Genderverschillen in de leiderschapscompetenties van leidinggevenden in het onderwijs

Melissa_Themlow_illustratieMelissa Themlow – In dit kwantitatieve onderzoek is gekeken of er een genderverschil bestaat in de leiderschapscompetentieprofielen van Nederlandse leidinggevenden in het onderwijs, bij de beoordeling door hun directe werkomgeving. Bovendien is onderzocht of deze competentieprofielen overeenkomen met de competenties die van belang worden geacht voor hun organisatie. Hierbij is gebruik gemaakt van de 16 leiderschapscompetenties van Zenger en Folkman (2014) die vallen onder vijf competentieclusters, waarbij is gekeken naar vier respondentgroepen die een mannelijke of vrouwelijke leidinggevende hebben beoordeeld en belang hebben gehecht aan alle competenties. Voor dit onderzoek is gebruik gemaakt van 8407 360 graden feedback beoordelingen van 412 leidinggevenden uit het onderwijs, waaronder 205 mannelijke en 207 vrouwelijke leidinggevenden. Uit het onderzoek is gebleken dat vrouwelijke leidinggevenden significant hoger worden beoordeeld op de totale leiderschapsbeoordeling door managers, collega’s en direct ondergeschikten. Er is geen significant genderverschil gevonden in de competenties die door de directe werkomgeving en de leidinggevenden zelf als belangrijkste worden geacht voor de organisatie, namelijk de competentiecluster interpersoonlijke vaardigheden. De zelfbeoordeling op de leiderschapscompetenties toont een zelfonderschatting van vrouwelijke leidinggevenden en een zelfoverschatting van mannelijke leidinggevenden aan, ten opzichte van de beoordeling door de directe werkomgeving. Geconcludeerd kan worden dat vrouwelijke leidinggevenden, met uitzondering van hun managers, door de directe werkomgeving significant hoger worden beoordeeld op de leiderschapscompetenties die van belang worden geacht voor de organisatie. Daarmee zou gesteld kunnen worden dat vrouwen effectievere leiders zijn dan mannen op de beoordeelde leiderschapsrol. De maatschappelijke betekenis van deze resultaten is dat meer vrouwen gestimuleerd en ontwikkeld moeten worden om leidinggevende rollen in het onderwijs te vervullen.

BachelorscriptieASW_Melissa_Themlow

Other Theses
Comments Off on TL;DR Too Long Didn’t Read: De invloed van nieuwe media op leesgewoonten

Kiona Estevez Prieto - Illustratie Kiona Estevez Prieto – In dit onderzoek is geprobeerd antwoord te krijgen op de vraag of mediagebruik invloed heeft op een mogelijk verschil in leesgewoonten tussen Millennials en Generatie X. Hiervoor is een vragenlijst afgenomen bij 97 respondenten, waarvan 57 Millennials waren en 40 van Generatie X. Eerst is gekeken of er sprake was van een verschil in leesgewoonten tussen de generaties. Hieruit bleek dat Millennials en Generatie X hetzelfde scoren op gebied van lezen van boeken, tijdschriften en internetartikelen. Op gebied van kranten bleek er wel sprake te zijn van een verschil. Daarnaast is er gekeken of er een verschil was in het gebruik van nieuwe media tussen de generaties. Er bleken verschillen te zijn op het gebied van internet en smartphone gebruik. Bij het gebruik van de computer bleken er geen verschillen te zijn. Vervolgens is er gekeken welke vormen van nieuwe media invloed hebben op de verschillende bronnen van leesmateriaal. Hier bleek de smartphone invloed te hebben op het lezen van kranten, de computer op het lezen van tijdschriften en op internetartikelen hebben alle vormen van nieuwe media invloed. Op het lezen van boeken bleek nieuwe media geen invloed te hebben. Tenslotte is er gekeken of het gebruik van bepaalde toepassingen van nieuwe media deze invloeden kunnen verklaren. Hieruit bleek dat bij de invloed van de computer op het lezen van kranten, standaardtoepassingen en het spelen van games een rol spelen. Voor het lezen van tijdschriften geldt dat productieve toepassingen een rol spelen. Voor het lezen van internetartikelen geldt dat van de computer downloaden en toepassingen voor vermaak van invloed zijn, van het internet zijn dit toepassingen met betrekking tot sociale doeleinden, forums, zakelijke toepassingen en online videogesprekken voeren, en voor de smartphone geldt dat toepassingen met betrekking tot contact en online video’s bekijken invloed hebben.

BachelorscriptieASW_Kiona_Estevez_Prieto

Global Youth Theses
Comments Off on In de ban van terrorisme: De rol van al-Shahaab’s terroristische activiteiten in de ontwikkeling van de toerismesector van Lamu, Kenia

Vince de Jong - Illustratie Vince de Jong – Dit onderzoek richt zich op de rol die terroristische activiteiten spelen in de ontwikkeling van de toerismesector in Kenia. Hierbij zijn de activiteiten van terreurorganisatie al-Shabaab in Kenia uitgediept en is er op lokaal niveau, op het toeristische eiland Lamu, onderzoek gedaan naar de betekenis van deze activiteiten voor de toerismesector van dit eiland en bijbehorende reacties op de gevolgen van deze activiteiten. De relatie tussen terrorisme en toerisme is in de literatuur al een aantal keren onderzocht, maar de etnografische manier die in dit onderzoek centraal staat, is nog nooit toegepast op de situatie in Kenia. Dit onderzoek geeft dan ook een aantal vernieuwende inzichten die in de relatie tussen toerisme en terrorisme in Kenia van toepassing zijn.

BachelorscriptieASW_Vince_de_Jong

Conflict Studies Theses
Comments Off on Extra-curriculaire ervaring – wat heb je er nou echt aan? Extra-curriculaire ervaring als student en de rol hiervan binnen het sollicitatiebeleid van werkgevers in de sociale sector

af7b7e8a-d437-46b6-b8cd-305612d766c8Leoni Fohr – In deze scriptie is op kwalitatieve wijze onderzocht in hoeverre extra-curriculaire ervaring van sollicitanten een rol speelt bij het wervings- en selectieproces van werkgevers binnen de NGO-sector in Amsterdam en Utrecht. Allereerst is onderzocht wat de algemene wensen en eisen van werkgevers in deze sector zijn. Vervolgens is specifiek gekeken naar de rol van extra-curriculaire ervaring binnen het sollicitatiebeleid van de NGO’s. Als laatste is onderzocht in hoeverre extra-curriculaire ervaring volgens zowel werkgevers als werknemers relevant blijft op de werkvloer. De resultaten zijn gebaseerd op negen semi-gestructureerde interviews met werkgevers en vijf focusgroepen met in totaal 17 werknemers vanuit de NGO’s. Gebleken is dat werkgevers in de NGO-sector een veelomvattende eisenlijst hebben waarop zij selecteren. Daarnaast hebben de interviews uitgewezen dat NGO’s die zich bezighouden met medische hulpverlening in mindere mate belang hechten aan extra-curriculaire ervaring bij werknemers dan de overige NGO’s. Binnen alle NGO’s geldt echter dat extra-curriculaire ervaring zeer relevant kan zijn, mits deze ervaring aansluit op de werkzaamheden binnen de betreffende NGO. Vooral wanneer sprake is van weinig werkgelegenheid kan extra-curriculaire ervaring doorslaggevend zijn. Tot slot is gebleken dat extra-curriculaire ervaring voornamelijk in het begin van een carrière een rol speelt.

BachelorscriptieASW_Leoni_Fohr

Other Theses
Comments Off on ‘We vullen elkaars zwakke punten aan’: De rol van praktische, culturele en persoonlijke invloeden bij de taakverdeling binnen ouderschap

Paula Vrolijk - Illustratie Paula Vrolijk – In deze scriptie wordt getracht meer duidelijkheid te verkrijgen over de totstandkoming van de taakverdeling binnen het ouderschap in Nederland. Praktische, culturele en persoonlijke invloeden die mogelijk een rol spelen, en de mogelijke interactie tussen deze invloeden, zullen hierbij naar voren komen. De vraag die binnen dit onderzoek centraal staat is: Hoe ervaren Nederlandse stellen met jonge kinderen de verschillende invloeden die mogelijk een rol spelen bij de taakverdeling binnen hun ouderschap? Om deze vraag te beantwoorden zijn duo-interviews gehouden met stellen met jonge kinderen. Vader en moeder zijn tegelijk geïnterviewd om zo een vollediger beeld te laten ontstaan van de totstandkoming van de taakverdeling binnen het ouderschap. Uit de resultaten komt naar voren dat bijna alle moeders minder werken dan de vaders. Wanneer de ouders echter samen zijn, dragen zij gelijkwaardig bij aan de zorg. De meeste moeders gaven wel aan meer controle te hebben over de verzorging van de kinderen. Concluderend kan gesteld worden dat het ideale beeld van ouderschap, de taakverdeling van de eigen ouders en het vertrouwen in de opvang door derden een rol spelen bij het wel of niet wensen dat vaak of altijd een ouder thuis is. Daarnaast speelt de flexibiliteit van het werk en de waarde die men hecht aan het werk een grote invloed bij de bepaling wie vervolgens meer thuis blijft en wie meer gaat werken. Tenslotte spelen wellicht biologische processen volgens de respondenten een rol. Er lijkt daarom een interactie te bestaan tussen alle verschillende soorten invloeden.

BachelorscriptieASW_Paula_Vrolijk

Global Youth Theses
Comments Off on Sceptisch over ‘groen’: Een kwantitatief onderzoek naar de factoren die invloed hebben op het kopen van ‘groene’ producten in de supermarkt.

Jeroen Snellen - Illustratie Jeroen Snellen – Door groeiende kennis over de impact van consumeren op het milieu, groeit het bewustzijn over het belang van duurzaam consumeren. Mede door druk vanuit de consument proberen bedrijven zich te conformeren aan het principe van de Triple Bottom Line, waarbij naast economische belangen, ook sociale en milieubelangen voorop staan. Sommige bedrijven gebruiken het milieubewustzijn van consumenten echter voor de verkeerde doeleinden. Misleidende ‘groene’ marketing wordt ingezet om economische belangen na te streven, waardoor ‘groene’ marketing door sommige consumenten niet meer geloofwaardig wordt bevonden. Deze scriptie onderzoekt op kwantitatieve wijze de invloed van scepticisme over ‘groene’ marketing op het kopen van ‘groene’ producten in de supermarkt, in relatie tot andere factoren die invloed hebben op ‘groen’ koopgedrag, namelijk ‘bereidheid te betalen’, ‘ontvangen kwaliteit’, ‘verwachte effectiviteit’ en ‘milieubezorgdheid’. ‘Milieubezorgdheid’ blijkt een directe positieve invloed te hebben op ‘groen’ koopgedrag; consumenten die zich zorgen maken om het milieu kopen eerder ‘groene’ producten. Scepticisme heeft een indirecte negatieve invloed op ‘groen’ koopgedrag via ‘verwachte effectiviteit’. Sceptische consumenten verwachten dat het kopen van een ‘groen’ product minder invloed heeft op een beter milieu dan consumenten die minder sceptisch over ‘groene’ marketing zijn. Omdat scepticisme een negatieve invloed heeft op het kopen van ‘groene’ producten is het belangrijk dat producenten van ‘groene’ producten eerlijke en volledige informatie verschaffen over het effect dat het product heeft op het milieu en hierop streng gecontroleerd worden.

BachelorscriptieASW_Jeroen_Snellen

Other Theses
Comments Off on ‘You can never do right’: Sexual norms and double standards among emerging adults

Marte Ydema - IllustratieMarte Ydema – This qualitative study explores the sexual gendered norms employed by emerging adults (18-25) and the role these norms play in their sexual identity.  Five focus groups and three duo-interviews were conducted, with a total of 28 respondents of whom 21 female and 7 male. An interdisciplinary approach was used by exploring sociological notions like sexualisation and liquid love (Bauman, 2003) in the psychological context of emerging adulthood, drawing on gender theory to explain how sexual norms and double standards are socially constructed. A grounded theory approach was used to explore themes regarding (gendered) sexual norms and double standards. Results showed that emerging adults’ sexual identities are under constant scrutiny through judgements by others or self-judgement. Furthermore, emerging adults are confronted with multiple double standards and conflicting messages regarding sexual norms. Although sexual norms proved to be gendered, findings of this study show that the current emphasis on the victimisation of women should be nuanced, since both men and women are confronted with double standards and conflicting messages regarding sex. This study shows that emerging adults engage in acts to resist gender stereotypes. Hence, emerging adults are neither fully empowered nor passive subjects with regard to their sexual identity.

BachelorscriptieASW_Marte_Ydema

Global Youth Theses
Comments Off on Eradicating poverty: Measuring MDG1 as part of the current and future Development Goals

Lianne Schmidt - IllustratieLianne Schmidt – This interdisciplinary research concerns the conceptualization and measurement of poverty as part of the Millennium Development Goals from the perspective of inclusive development. Although the MDGs are seen as a huge success based on the progress in the field of poverty reduction, these results have proven to be very uneven. Furthermore the way these results of the first goal on eradicating poverty are measured (by the amount of people living below the poverty line of 1,25 dollar a day) has been strongly criticized. These issues have been further examined by the use of both qualitative interviews and quantitative secondary data analysis The results have shown that through for instance the use of multiple and national poverty lines along with the poverty gap, inequality as well as well as poverty could be monitored and reduced more effectively as part of a more inclusive Post-2015 Development Agenda.

BachelorscriptieASW_Lianne_Schmidt

 

Conflict Studies Theses
Comments Off on ‘Ik leid een veel beter leven op Facebook dan in het echt’: Zelfpresentatie op Facebook en de invloed op het psychisch welzijn van jongvolwassenen

Charlotte Prenen - IllustratieCharlotte Prenen – In dit ‘mixed-methods’ onderzoek is de rol van zelfpresentatie op Facebook op het psychisch welzijn van jongvolwassenen (18 tot 25 jaar) onderzocht. Het onderzoek is interdisciplinair van aard. Inzichten uit de sociologie, communicatiewetenschap en psychologie zijn geïntegreerd om zo een compleet mogelijk beeld van de situatie te geven. Het onderzoek bevat aanvankelijk een kwantitatieve methode van onderzoeken waarbij een vragenlijst is ingevuld door 91 jongvolwassenen. Resultaten laten zien dat er een negatief effect van zelfpresentatie op het zelfvertrouwen van jongvolwassenen bestaat. Aan de hand van de kwantitatieve resultaten is een interviewschema samengesteld en zijn er acht semi-gestructureerde interviews uitgevoerd. De interviews zijn afgenomen met vier vrouwelijke en vier mannelijke respondenten die verschillen in hun manier van zelfpresentatie op Facebook. Uit de interviews is gebleken dat respondenten zich allemaal bezig houden met het beeld dat zij van zichzelf presenteren op Facebook.  Dit onderzoek laat zien ondanks het feit dat jongvolwassenen zich in een kwetsbare periode in hun leven bevinden waarbij evaluaties van leeftijdsgenoten als belangrijk wordt ervaren, zelfpresentatie op Facebook geen noemenswaardige invloed heeft op hun welzijn.

BachelorscriptieASW_Charlotte_Prenen

Global Youth Theses
Comments Off on Jeugdvoetbal, een volwassen prestatiewereld? De ervaringen van jonge talenten die voetballen bij een RJO in de huidige prestatiemaatschappij

Michelle van der Heijden - Illustratie2Michelle van der Heijden – In de huidige prestatiemaatschappij zijn succes en falen steeds meer een eigen verantwoordelijkheid. Topsport is de plek bij uitstek waar deze eigen verantwoordelijkheid, en de bijbehorende druk om te presteren, duidelijk aanwezig is. Ook binnen  RJO’s (Regionale Jeugd Opleidingen), waar jonge voetbaltalenten worden opgeleid tot profvoetballer, komt het competitie-aspect duidelijk naar voren, gekoppeld aan de eis om enorme inspanningen te leveren en een relatief kleine kans op succes. Om een beter inzicht te krijgen in de ervaringen van de talenten met deze prestatiedruk is er een kwalitatief onderzoek uitgevoerd, waarbij er diepte-interviews zijn gehouden met 12 talenten van 12 tot 15 jaar oud die momenteel bij een RJO voetballen. Hierbij is, vanuit het perspectief van de talenten zelf, gekeken naar de bronnen en de gevolgen van deze prestatiedruk, en de manieren waarop de talenten hiermee omgaan.

BachelorscriptieASW_Michelle_van_der_Heiden

Global Youth Theses
Comments Off on ‘Een onvergetelijke ervaring’: De rol van vrijwilligerswerk in het buitenland tijdens een gap year in het persoonlijk levenspad van jongvolwassenen

9869439623_4142e52674_qLianne van Goethem – Dit onderzoek gaat in op verschillende ervaringen van jongvolwassenen die tijdens een gap year vrijwilligerswerk in het buitenland hebben gedaan. Hierbij wordt gekeken naar hoe jongvolwassenen hun ervaringen construeren ten opzichte van hun levenspad. In deze moderne samenleving worden jongvolwassen geacht bewust om te gaan met hun keuzes in complexe transities en levenspaden.   Met behulp van diepte-interviews en een analyse van reisblogs wordt in dit onderzoek het perspectief van jongvolwassenen in kaart gebracht. Er kan gezegd worden dat de jongvolwassenen uit dit onderzoek zowel voor, tijdens als na hun reis bewust bezig zijn geweest met hun ervaringen hoe deze een rol spelen in hun leven. Hierbij lijkt het nemen van een gap year een nieuwe, opkomende traditie voor de huidige generatie van jongvolwassenen.

BachelorscriptieASW_Lianne_van_Goethem

Global Youth Theses
Comments Off on BoLo, het nieuwe SoHo? Bewonerservaringen met publieke en private intenties van gentrification in Bos en Lommer

Dionne Poulussen - IllustratieDionne Poulussen – Bos en Lommer wordt tegenwoordig regelmatig BoLo genoemd, een verwijzing naar SoHo in New York. Deze benaming is opgekomen met de gentrification die zich in deze wijk voordoet. Gentrification is de opwaardering van de buurt in sociale, culturele en economische zin, door de bewoners en/of instituties. In deze scriptie is onderzocht in hoeverre de ervaringen met en de toekomstperspectieven voor gentrification in Bos en Lommer verschillen tussen de bewoners en de betrokken publieke en private partijen. Deze case study is onderzocht op een interdisciplinaire manier met een mixed methods onderzoeksstrategie, waarbij het semigestructureerde interview, de enquête en gestructureerd observeren de onderzoekmethoden waren. Er blijkt in Bos en Lommer sprake te zijn van gentrification in een deel van de wijk. De publieke en private partijen en sommige bewoners zijn positief over de veranderingen en werken hier aan mee. Andere bewoners zien de ontwikkeling als bedreiging voor kwetsbare mensen met een zwakke sociaaleconomische positie.

BachelorscriptieASW_Dionne_Poulussen

Urban Studies Theses